geregistreerd op:

16 september 2004

Quote
Hallo mensen.

Ik ben een week geleden opgenomen met een klaplong.
En ben gelukkig weer net 2 dagen thuis.
Ik heb 5 dagen lang een drain gehad en de volgende dag mog ik alweer naar huis. En ik mag minimaal nog de eerst komende twee weken nog niet werken en misschien daarna (dat moet ik nog afwachten van hoe ik me voel ) waarschijnlijk ook verlopig nog niet.


Voordat ik een klaplong kreeg wist ik nooit precies wat een klaplong precies inhield, en hoe het verholpen werdt.
Dat niet weten van hoe of wat nadat ik hoorde dat ik een klaplong had maakte mij alleen paniekerig. Ik wist totaal niet wat er allemaal ging gebeuren, wat een klaplong precies inhield, en hoelang ik ongeveer in het ziekenhuis kwam te liggen.


Nou ik weer thuis ben ben ik gelijk is op gezondheidsplein gaan kijken voor eventueel meer informatie erover.Maar tot mijn verbazing kan ik hier minder informatie vinden dan dat ik zelf al ondertussen weet.


Dus ik wil graag voor andere mensen iets meer over vertellen die graag nog meer willen weten over klaplong. Dit stuk hieronder heb ik zelf van mijn longarts gekopieerd gekregen.
Het komt uit zijn boek van landelijke bijscholing over klaplong.
Hieronder heb ik de tekst overgetypt.



In elkeheamithorax wordt de long omgeven door 2 vliezen nl. de viscerale en parietale pleura.Tussen de pleuraplaten bevindt zich een virtuele ruimte,de pleuraholte,dieluchtdicht is afgesloten en een dun laagje vocht bevat. De druk in de pleuraholte is negatief(lager dan de atmospherische druk) en wordt sterker negatief bij de inademing,alleen aan het einde van de uitademing is de druk positief.


Een pneumothorax treedt meestal op door een defect in de longoppervlak, waardoor lucht uit de long in de pleuraholte komt. Bij een perforerend thoraxtrauma kan buitenlucht de pleuraholte binnenstromen (aangezogen door de bestaande negatieve druk). In beide gevallen zal de long collaberen.


We onderscheiden:
- spontane pneumothorax
- symptomatische pneumothorax
(emphyseen,fibrose,TBC,tumor)
-artificieele pneumothorax (als complicatie v.long- of pleurapunctie,longbioptie en bij thoracoscopie).


De Spontane pneumothorax komt het meeste voor, nl bij 5 op de 100.000 mensen. Meestal is er sprake van een reptuur van een wakke plek op het longoppervlak(bleb, bulla),meestal gelocaliseerd in de longtop). Het komt 5x zo veel voor bij mannen als bij vrouewen. De oorzaak is onbekent, roken verhoogt het risico. Er bestaat geen voorkeur voor de L of R long.


Het betreft vaak veel jonge mensen met een leptosome lichaamsbouw (lang,mager) De reden hiervan is onbekend, de drukverhouding in de pleuraholte zouden mogelijk een rol kunnen spelen,ook wordt verondersteld dat door een meer horrizontaal verloop van de 1e rib de long door scherpe ribrandjes beschadigd kan worden.


Er bestaat geen verband met persen of zware inspanning, de pneumothorax ontstaat vaak in (nacht)rust.


De meest voorkomende klacht bijpneumotherax is pijn op de borst,die vaak verergert bij de ademhaling. Vaak heeft de pat. het gevoel niet goed te kunnen doorzuchten. Benauwdheid komt minder komt minder vaak voor en is afgankelijk van de grootte van de pneumothorax.


Bij licht onderzoek is de aangedane thoraxhelf veelal uitgezet en weinig beweeglijk bij de ademhaling. De percussie is hypersonoor en bij auscultatie het ademgeruis verzwakt( door de aanwezigheid van lucht tussen de long en de borstwand). Soms wordt de lucht in de onderhuidse weefsels geperst,waardoor de huid opzwelt en bij druk een knisperend gevoel geeft(subcutaan emphyseem). Soms zwelt de patient hierdoor helemaal op en ziet er uit als een \\\" Michelin mannetje\\\",hoewel het een indrukwekkend gezicht is is het ongevaarlijk,de lucht verdwijnt na enige tijd spontaan.


De diagnose pneumothorax wordt zeker gesteld d.m.v. een Xthorax. Afhankelijk van de grootte van de pneu spreekt men van een randpneumothorax,subtotale of totale pneumothorax. Een kleine pne is vaak beter te zien op een expiratie-foto, omdat de long bij expiratie verder collabeert. Bij overdruk in de pneumothoraxholte treedt een verplaatsing op van het hart en mediastinium naar de gezonde zijde. Als dit in sterke mate gebeurt spreekt men van een spsanningspneumothorax. Soms is het moeilijk om op de foto onderscheid te maken tussen een pneumothorax en een grote emphyseemblaas, de CT- scan kan hierbij een uitkomst zijn.


EEn pneumothorax is in de meeste gevallen een vrij onschuldigge aandoening. Ook bij een totale pneumothorax komen de meeste mensen niet in ernstige respiratoire problemen, omdat de capaciteit van de niet aangedane long voldoende is. Een pneumothorax kan levensgevaarlijk zijn bij patienten die een pneumectomie hebben gehad of die bij bijv. t.g.v. ernstige emphyseem of longfibrose een slechte longfunctie hebben.


EEn risico wat bij iedere pneumothorax bestaat is dat er een spanningpneumothorax onstaat. Dit kan op iedere moment ontstaan en een dramatisch snel fataal beloop hebben. Door een klepmechanisme wordt de spanning in de pneumothoraxholte steeds hoger, waardoor hart en mediastinum in zeer sterke mate naar de gezonde zijde worden verplaatstHet verieuse bloed kan niet meer in de voldoede mate naar het hart terugstromen en de grote bloedvaten in het mediastadium worden afgeknikt. Ook komt de gezonde long in de verdukking en kan niet meer goed functioneren. Er onstaat een respiratoire insufficienti en schok en de patient overlijdt. Het snel inbrengen van een dikke naald door de thoraxwand( waardoor de lucht kan ontsnappen en de overdruk vermindert) is levensreddend.


Andere ernstigge complicatie van een pneumothorax is het optreden van een grote bloeding (haematorax) doordat een bestaand adhaesie tussen de long en de pleura scheurt. In deze adhaesies lopen vaak bronchiaalarterieen die fors bloeden als ze worden beschadigd. De patient kan hierdoor snel in shock raken.


De behandeling van een pneumothorax is controversieel en iedere longarst heeft zijn eigen aanpak.


Een kleine rand- of toppneumothorax wordt meestal conservertief met enkele dagen bedrust behandeld. De lucht wordt langzaam spontaan geresorbeerd. De patienten moeten in het ziekenhuis goed worden geopserveerd i.v.m het risico van ht ontstaan van een spanningspneumothorax. Het is m.i. daarom onjuist een patient met kleine pneu naar huis te laten gaan.


Bij grote pneumothorax wordt onder locaalanaesthesie
een thoraxdrain (slangetje) ingebracht. Via een zuigpomp met een waterslot wordt de lucht uit de pneumothoraxholte afgezogen, waardoor de long weer ontplooit is. Als na enkele dagen de luchtlekkage tot stilstand komt, betekent dit dat het defect in het longoppervlak weer is gesloten. De drain wordt gdurende ongeveer 24 uur afgeklemd en dan een X- thorix gemaakt. Als op deze foto de long goed ontplooit is gebleven( er is iderdaad geen luchtlekkage meer geweest), kan de drain in principe worden verwijderd.


Veel longartsen kiezen er echter voor om op dit moment de longbladen te plakken (pleurodese). De reden hiervoor is de vrij grote kans op recidief (ongeveer 20-25%).Via de thoraxdrain wordt er vloeistof in de pleuraholte ingebracht, die tot doel heeft een steriele onsteking van de de longvliezen te veroorzaken. Hierdoor gaan d longvliezen met elkaar vergroeien, waardoor de long aan de borstwand vast komt te zitten. De kans op een recidief pneumothorax aan de behandelde kant wordt hierdoor erg klein.Het is dus niet zo dat d.m.v pleurodese het gat in het longoppervlak wordt geplakt,dit moet zich tevoren spontaan sluiten.Voor pluerodese kunnen diverse middelen worden gebruikt zoals zure tetracyline,bleomycine of talk (supsentie). De procedure is zeer pijnlijk en er moet voor een goede pijnstilling worde gezorgd, analgetica werken voldoende en epidurale anaesthaesie of narcose zijn prefereren. Na pleurodese treedt nog al eens een koortsreaktie op.


Veel longartsen verrichten nog geen pleurodese bij de eerste pneumothorax maar pas bij een recidief. Anderen laten een recidief direct door de chirurg opereren.


Een ander beleid is om bij een pneumothorax direct een thoracoscope te verichten. Hierbij kan het longoppervlak worden geinspecteerd op de aanwezigheid van blebs of bullae. Bij de aanwezigheid van de uitgebreide bullae is het nl. verstandig de patient direct te laten opereren. Bij het thoracoscopie kan evl. direct pleurodese worden vericht d.m.v. vernevelen van gejodeerde talkpeoder (extreem pijnlijk).


Het komt af en toe voor dat een long ook na langdurige drainage niet volledig ontplooit of dat de luchtlekkage blijft bestaan. Operatie is dan de enige mogelijkheid


Bij thoracotamie kan de longoppervlak goed worden geinspecteerd. Evl. blebs worden gecoaguleerd en bullae worden verwijderd (pleurectomie), waardoor de long vergroeid met de borstwand. Tegenwoordig wordt deze operatie ook wel thoracoscopisch verricht, wat voor de patient uiteraard een veel kleinere ingreep betekent.


Ik hoop dat men wat heeft aan deze informatie.


Groetjes Nadia

geregistreerd op:

16 augustus 2004

Quote
Hallo Hoop22,
Wat leuk dat je die informatie aan ons doorgeeft!!!!!
Ik hoop dat het verder heel goed met je gaat! Succes ermee!
En bedankt voor de informatie!
Veugelke

Lees meer op Gezondheidsplein.nl over:

Bloeding, Klaplong, Longfibrose, Pijn, Klaplong, Shock

Onderwerpen in dit topic

Bloeding, Dun, Klaplong, Longfibrose, Pijn, Pneumothorax, Roken, Shock, Spanning

Gerelateerde onderwerpen in het forum


Zoeken op het forum




Dossiers